Ben je wel gelukkig, vraagt hij.

Ik lach en knik. Ik ben gelukkig … niet alleen ongelukkig, want ik heb een heleboel dingen waar ik gelukkig om moet zijn.

Desalniettemin, ben ik ergens toch ongelukkig. Alsof mijn hart, dat vroeger brandde en licht gaf, nu in mijn schoenen gezakt is.

Ik probeer het omhoog te halen, als ik bij anderen ben, om te tonen dat het goed met me gaat. Geloof ik het zelf? Mijn hart weegt wel honderd ton en ik hoor het steeds trager bonken.

Het zit in mijn voeten, maar het bonkt in mijn hoofd. Alsof het mij iets wil vertellen.

Alsof ik gisteren te veel wijn gedronken heb.

Advertisements